H.F., die in eerste aanleg veroordeeld werd voor het betasten en kussen van een meisje (15) op de trein, blijft erbij dat hij nooit foute intenties had. “Zij heeft mij betast en ik haar. Als er camerabeelden waren, zouden die bewijzen dat ik gelijk heb.” In eerste aanleg geloofde de rechter hier niets van dus probeert hij nu voor het hof van beroep zijn gelijk te halen.