Verser dan aan zee vind je vis niet, of zo zou het toch moeten. Want in zijn zoektocht aan de Belgische en (een beetje) Nederlandse kust naar de perfecte sliptongetjes meunière stelde Luc Bellings ook het tegenovergestelde vast. Uitgerekend in het nieuwe Knokke – het Zeeuwse Cadzand – botste hij op de grootste rotzooi die hij ooit kreeg voorgeschoteld: “Bah, bah en nog eens bah!” Gelukkig deelde hij elders bijna twee keer een tien uit.